Kadarka

‘kɒdɒrkɒ

Samen met Kékfrankos dé blauwe druif van Hongarije. Van oorsprong is deze druif echter niet Hongaars. Wellicht waren het Serviërs op de vlucht voor de oprukkende Ottomanen die de druif het land inbrachten. De druif heeft vele leuke synoniemen zoals Törökszőlő (Turkse druif) of Fekete Budai (de Zwarte van Buda) en is in Bulgarije gekend onder de naam Gamza. In Roemenië worden de k een c en krijgen we Cadarca.

De druif wordt momenteel echt gekoesterd door Hongaarse wijnbouwers. Ze stoppen er dan ook veel passie en energie in om deze nationale schat in ere te houden. Volgens oude documenten zou het in de 19de eeuw zelfs de meest aangeplante druif geweest zijn. Maar door de dunne schil is het geen makkelijke druif om te verbouwen, daarom werden tot in de jaren ’70 veel wijngaarden vervangen door makkelijkere variëteiten, die meer opbrengst hadden. Wereldwijd wordt staat er zo’n 1000ha Kadarka, waarvan 274 ha in Hongarije (2022). Vooral in Szekszárd speelt ze een belangrijke rol, zowel als monocépage als in de Szekszárdi Bikavér (stierenbloed van Szekszárd).

Probeer deze druif als je houdt van: Poulsard (Jura), Pinot Noir, Spätburgunder, Gamza, Gamay, Cinsault (Zuid-Afrika)

 

Kadarka’s zijn slanke wijnen met een zeer lichte robijnrode kleur, fluweelzachte tannines maar bomvol smaak; vooral knapperig rood fruit, een mooie kruidigheid en aardig wat zuren. Zure kersen, nootmuskaat en kruidnagel en soms zelfs wat florale toetsen kan je vaak in deze wijnen terugvinden. Op de juiste bodem zijn de wijnen zeer puur en elegant. Vaak wordt ook wat eikrijping toegepast. Samen met Kékfrankos is Kadarka de basisdruif voor de Bikavérblends. Ze wordt ook wel de Hongaarse Pinot Noir genoemd.

Slanke Kadarka’s zijn perfect om op zichzelf te drinken, vooral tijdens warme zomerdagen, maar ze gaan ook zeer goed bij veel typisch Hongaarse gerechten zoals: pörkölt (een stoverij van varkensvlees met paprikakruiden), gulyásleves (een klare soep met onder andere rundsvlees, aardappel, wortel, paprika en komijn) en halászlé (een licht pikante vissoep met uiteraard weer paprika en zoetwatervis). Ook de internationale keuken kan perfect, dan gaan we voor licht kruidige gerechten met tomatensaus in verwerkt. Bijvoorbeeld ratatouille met veel rode paprika of gehaktballetjes in tomatensaus.

Wat ons betreft is dit de mooiste verborgen parel van Hongarije. Hou je van verfijning en elegantie, probeer dan zeker eens een wijntje van deze druif.