Zenit

In 1951 ontwikkelde Ferenc Király deze druif in Pécs door het kruisen van Bouvier en Ezerjó. Het is één van de vijf kruisingen tussen deze twee druiven die hij ontwikkelde. Ze beginnen allemaal met de letter Z. De andere vier zijn: Zengő, Zefír, Zeusz en Zéta. Sinds 1976 is ze officieel erkend als wijndruif.

 

De laatste jaren wint ze meer en meer aan populariteit. Er staat momenteel zo’n 700ha van aangeplant. Vooral rond het BalatonmeerEger en in de Mátraregio vinden we ze terug. Ze groeit graag op vulkanische en minerale bodems. Het neutrale en frisse karakter van de Ezerjó, gecombineerd het florale en aromatische van de Bouvier is een perfect match die we in deze druif terugvinden. De frisse aciditeit is mooi in balans met de aromatische ietwat vollere stijl die deze wijnen kenmerken.

 

De wijnen geven een mooi parfum aan aroma’s, waar vooral de florale toetsen het meest typerend is. Soms zorgt wat restsuiker voor een mooie aanvulling op de frisse aciditeit. Typische aroma’s zijn: groene appel, vlierbloesem, peer, pepermunt en een fijne kruidige toets.

 

Je hoort het al, deze druif heeft alles in huis om er op en top zomerwijnen van te maken. Het zijn frisse doordrinkwijntjes die ideaal zijn op zichzelf en jong te drinken zijn. Je kan er natuurlijk ook iets bij eten, een geitenkaasje of een ceasar salad staat niet mis bij deze wijnen.